5.2 Sleutelprojecten en lopende initiatieven

De in het vorige hoofdstuk beschreven speerpunten bieden aanknopingsmogelijkheden voor een uitwerking tot een agenda, waarmee de regio en de individuele gemeenten concrete projecten kunnen realiseren.

Sleutelprojecten De regio staat voor een aantal majeure opgaven. De keuzes in de Regionale Omgevingsagenda, de opgaven in de Regionale Energiestrategie en de speerpunten van deze Regionale Strategie Mobiliteit geven aanleiding tot het formuleren van sleutelprojecten, die cruciaal zijn in het verwezenlijken van de ambities. Dit betreft in ieder geval:

  • Knooppunt Leiden Centraal als door te ontwikkelen OV-knoop om zo bij te dragen aan de doelstellingen die voor de Oude Lijn zijn gesteld, maar ook in relatie tot de doorgroei en benutting van het spoor richting Alphen aan den Rijn en Utrecht. Als ook het toekomstbestendiger maken van de OV-verbinding tussen Katwijk en Leiden.
  • Verkenning uitrol regionale mobiliteitshubs langs het spoor en op logische auto/OV-locaties in de regio. De haalbaarheid van mobiliteitshubs met een regionale branding wordt onderzocht en er volgt een marktconsultatie naar de realisatie van (mobiliteits-)diensten op deze hubs.
  • Doorontwikkeling van de N11, inclusief het ongelijkvloers maken van alle kruisingen.
  • Verwezenlijken van het regionale doorfietsnetwerk, aansluitend op de regio's grenzend aan Holland Rijnland.
  • Verbetering van de Noord-Zuidverbindingen, van HOV en weg, bij doorgroei van Alphen aan den Rijn als knoop en centrumgemeente in het oostelijk deel van Holland Rijnland. Dit betreft voornamelijk de N207 en de N231 en op lange termijn de HOV-verbinding tussen Zoetermeer en de Metropoolregio Amsterdam.
  • Verkenning doorontwikkeling HOV Leiden-Katwijk-Noordwijk. De ruimtelijke ontwikkelingen op de as Leiden-Katwijk vragen nieuwe investeringen in het mobiliteitssysteem. Het HOV-systeem kan met een schaalsprong een centrale drager voor de ruimtelijke ontwikkeling vormen. Dit project betreft verkenning naar de noodzakelijke ingrepen in het mobiliteitssysteem, waarbij tracering van weginfrastructuur fietsroutes en openbaar vervoer integraal worden beschouwd. Een nieuwe regionale aansluiting voor de zuidelijke Duin- en Bollenstreek en een doorfietsroute Leiden–Rijnsburg–Noordwijk maken onderdeel uit van deze verkenning.

Lopende projecten/initiatieven Voor de volledigheid worden hierbij de belangrijkste majeure initiatieven, dan wel lopende projecten, opgesomd welke een direct relatie hebben met de Regionale Strategie Mobiliteit. De Rijksoverheid werkt samen met andere overheden aan het veilig, bereikbaar en leefbaar houden van Nederland. Dit doen zij door te investeren in betere wegen, het spoor en waterwegen. Alle investeringen hiervoor staan in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). Een aantal voorbeelden voor Holland Rijnland zijn: de Bodegravenboog, het spoor Leiden-Utrecht en de verbreding A4. Vanuit de afspraken in BO MIRT / BO Leefomgeving zijn er ook recent nadere afspraken gemaakt over onderzoeken naar de haalbaarheid van station Hazerswoude-Rijndijk en een ongelijkvloerse kruising Zoeterwoude nabij Heineken.

  • Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek: De provincie Zuid-Holland heeft samen met Holland Rijnland en de gemeenten Hillegom en Lisse een plan van aanpak opgesteld voor de realisatie van mobiliteitsmaatregelen in de noordelijke Duin- en Bollenstreek. Op het moment van schrijven (maart 2021) zijn de onderzoeken gestart. Naar verwachting worden de eerste ambtelijke resultaten opgeleverd in de tweede helft van 2021. De maatregelen richten zich op het realiseren van Oost-Westverbindingen met de Haarlemmermeer. In de omgeving van Hillegom wordt gezocht naar een verbinding over de Ringvaart en maatregelen die het doorgaande (vracht)verkeer door de kern van Hillegom verminderen. Een belangrijk aandachtspunt binnen deze aanpak heeft de N443 waarbij nadrukkelijk de drukte en de onveiligheid voor overstekend verkeer bij het onderzoek wordt betrokken.
  • Verbreding van de A4 tussen N14 bij Leidschendam en knooppunt Burgerveen (richting Schiphol) Wat voor effecten en kansen dat biedt voor het gebied tussen Leiden en Zoeterwoude en tussen Kaag en Braassem en Alphen aan den Rijn. Meekoppelkansen bieden goede mogelijkheden om zowel binnen als buiten het domein mobiliteit stappen te zetten.
  • Realisatie HOV-trajecten conform de R-netformule: HOV (Noordwijk-)Katwijk-Leiden, Leiden-Zoetermeer en Noordwijk-Schiphol.
  • Traject Beter bereikbaar Gouwe in het zuidoostelijk deel van de regio, een integraal proces ter verbetering van de leefbaarheid en bereikbaarheid van de kernen rondom de Gouwe en de Greenport regio Boskoop. Het rapport N206-N209 past bij dit project en maakt tegelijkertijd onderdeel uit van de verbetering van de Noord-Zuidverbinding tussen Zoetermeer en de Metropoolregio Amsterdam.
  • Evaluatie N207 corridor Alphen aan den Rijn-Leimuiden, waarin centraal staan: het verbeteren en doorontwikkelen van de N207, inclusief HOV en het aanwijzen van transferium Alphen Noord/op- en overstappunten. Hierbij zal vanuit Holland Rijnland ook nadrukkelijk de rol van het landbouwverkeer worden betrokken.
  • Rijnlandroute; deze wordt op dit moment gerealiseerd.
  • Traject Beter bereikbaar Gouwe in het zuidoostelijk deel van de regio, een integraal proces ter verbetering van de leefbaarheid en bereikbaarheid van de kernen rondom de Gouwe en de Greenport regio Boskoop (zie ook paragraaf 3.3 Rijn- en veenstreek). Het in 2021 opgeleverde rapport N206-N209 past bij dit project, maar legt tegelijkertijd de vinger op de zere plek: op de lange termijn is nieuwe infrastructuur (en OV) noodzakelijk om de vervoersknelpunten in het gebied tussen Zoetermeer en de N11 te verminderen, leefbaarheid te verbeteren en de bouwambities te kunnen faciliteren. Hier ligt de relatie met de ambitie om de noord-zuidverbindingen, van HOV en weg te verbeteren, bij doorgroei van Alphen aan den Rijn als knoop en centrumgemeente in het oostelijk deel van Holland Rijnland.